Bijsluiter & SmPC
Download risicominimalisatie-materiaal Beovu

▼ Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. U kunt hieraan bijdragen door melding te maken van alle bijwerkingen die u eventueel zou ervaren. U leest hier hoe u dat kunt doen.

 

Wat is Beovu?

Beovu bevat de werkzame stof brolucizumab, die behoort tot een groep van geneesmiddelen die anti-neovasculariserende middelen (middelen tegen nieuwgroei van kleine bloedvaten) worden genoemd. Beovu wordt door uw arts in het oog geïnjecteerd om een oogziekte te behandelen die neovasculaire (natte) leeftijdsgebonden maculadegeneratie (LMD) heet.

Waarvoor wordt Beovu gebruikt?
Beovu wordt gebruikt voor de behandeling van neovasculaire (natte) LMD bij volwassenen, die optreedt als er abnormale bloedvaten onder de macula (gele vlek) ontstaan en groeien. De macula, welke achter in het oog is, zorgt voor helder zicht. De abnormale bloedvaten kunnen vocht of bloed in het oog lekken, waardoor de macula minder goed gaat werken en het gezichtsvermogen vermindert.

Hoe werkt Beovu?
Een stof die vasculaire endotheliale groeifactor A (VEGF-A) heet veroorzaakt de groei van bloedvaten in het oog. Beovu bindt zich aan VEGF-A en blokkeert daarmee het effect van VEGF-A en vermindert zo de groei van bloedvaten in LMD. Daardoor neemt de lekkage van vocht of bloed in het oog af.

Beovu kan de vooruitgang van de ziekte vertragen en daardoor kan uw zicht behouden worden of zelfs verbeterd worden.

 

Therapeutische indicaties

Beovu is geïndiceerd voor gebruik bij volwassenen voor de behandeling van neovasculaire (natte) leeftijdsgebonden maculadegeneratie (LMD).

 

Dosering

De aanbevolen dosering is 6 mg brolucizumab (0,05 ml oplossing), toegediend als intravitreale injectie, elke 4 weken (maandelijks) voor de eerste 3 doses. Daarna kan de arts de behandelintervallen individueel aanpassen op basis van ziekteactiviteit, te beoordelen aan de hand van gezichtsscherpte en/of anatomische parameters. Een beoordeling van de ziekteactiviteit wordt aanbevolen 16 weken (4 maanden) na de start van de behandeling. Bij patiënten zonder ziekteactiviteit, moet een behandeling elke 12 weken (3 maanden) overwogen worden. Bij patiënten met ziekteactiviteit, moet een behandeling elke 8 weken (2 maanden) overwogen worden (zie rubriek 4.4 en 5.1 van de SmPC).

Indien visuele en anatomische resultaten erop duiden dat de patiënt geen baat heeft bij voortgezette behandeling, dient de behandeling met Beovu stopgezet te worden.

 

Wijze van toediening

Beovu is uitsluitend bestemd voor intravitreaal gebruik.

De oplossing voor injectie moet voorafgaand aan toediening visueel gecontroleerd worden (zie rubriek 6.6 van de SmPC).

De intravitreale injectieprocedure moet worden uitgevoerd onder aseptische omstandigheden: dit impliceert een chirurgische desinfectie van de handen, het gebruik van steriele handschoenen, een steriel laken en een steriel ooglidspeculum (of equivalent). Steriele paracentese-uitrusting dient als voorzorgsmaatregel beschikbaar te zijn. De medische voorgeschiedenis van de patiënt voor overgevoeligheidsreacties moet zorgvuldig worden geëvalueerd voordat de intravitreale procedure wordt uitgevoerd (zie rubriek 4.3 van de SmPC). Geschikte anesthesie en een topisch breedspectrum microbicide, om de perioculaire huid, het ooglid en het oculaire oppervlak te desinfecteren, moeten worden toegediend voorafgaand aan de injectie.

De injectienaald moet worden ingebracht in de vitreale holte 3,5 tot 4,0 mm achter de limbus, waarbij de horizontale meridiaan moet worden vermeden en de naald moet worden gericht op het midden van de oogbol. Het injectievolume van 0,05 ml wordt vervolgens langzaam ingebracht. Voor de volgende injecties wordt een andere sclerale plaats gebruikt.

Onmiddellijk na de intravitreale injectie moeten patiënten gecontroleerd worden op toename in intraoculaire druk. Een gepaste controle kan bestaan uit controle op de perfusie van de oogzenuw (papil) of tonometrie. Indien nodig, dient steriele paracentese-uitrusting beschikbaar te zijn.

Na intravitreale injectie moet aan patiënten worden uitgelegd dat zij alle symptomen die op endoftalmitis lijken (zoals oogpijn, roodheid van het oog, fotofobie, wazig zicht) direct moeten melden. 

 

Vragen over onze geneesmiddelen

Veiligheid van de patiënt staat bij ons hoog in het vaandel. Daarom is onze Medische Informatie Dienst bereikbaar voor vragen van patiënten en professionals in de gezondheidszorg met betrekking tot alle aspecten van het gebruik of informatie over een geneesmiddel van Novartis.

Bel, vul het contactformulier in of mail ons via onderstaande gegevens. Als je twijfelt tussen Pharma en Oncologie, kies dan Pharma. Wij zullen het indien nodig intern doorzetten.

 

Pharma


E: [email protected]
T:
088-0452111

Oncologie


E: [email protected]
T:
088-0452555

Bijwerking melden 

Als we op de hoogte zijn van eventuele bijwerkingen, kunnen we die verder onderzoeken. We verzoeken je om bijwerkingen direct bij ons te melden. Novartis zal de informatie verwerken en eventueel contact met je opnemen. Je kunt een bijwerking bij ons melden via het onderstaande contactformulier.

Beoordeel content: 
0
Nog geen beoordelingen
0222NVS369757
×

Ask Speakers

×

Medical Information Request