Hogere therapietrouw en betere inhalatietechniek, dat willen we allemaal wel! Maar waarom gaat het dan toch zo vaak mis? In deze serie van 6 artikelen verkennen we deze thema’s aan de hand van onderzoeken en interviews en belichten ze vanuit verschillende hoeken. Dit biedt u de mogelijkheid om te reflecteren op uw dagelijkse praktijk. Zo werken we samen aan hogere therapietrouw en betere inhalatietechniek. Dit is deel 4 uit de serie.

 

Therapietrouw bij astma is een zorgenkindje. Zo haalt slechts 64% van de patiënten met astma en chronische obstructieve longziekte (COPD) hun inhalatiemedicatie trouw af bij de apotheek. Bovendien blijkt dat meer dan 70% van hen essentiële handelingen met hun inhalator incidenteel dan wel frequent verkeerd uitvoert.1 Uitleg over (astma)medicatie, inhalatietechniek en de patiënt wijzen op de noodzaak tot therapietrouw vormen dan ook de hoeksteen van astmazorg, aldus dr. Ivo van der Lee, longarts in het Spaarne Gasthuis in Hoofddorp.
 

“Vaak moet je echt bij het begin beginnen: wat is astma precies, welke klachten kunnen patiënten ontwikkelen en hoe kunnen ze zelf bijdragen om die kans zo klein mogelijk te maken?” Dat patiënten daarbij zelf ook een actieve rol kunnen spelen, blijkt uit de antwoorden op de enquête Zelfmanagement van Novartis2. Daaruit kwam naar voren dat 61% van de patiënten zelf (ook) op zoek gaat naar informatie over astma; 48% zegt dit soms te doen terwijl 13% dit vaak doet. Slechts 7% onderneemt geen actie en verwacht deze informatie van hun arts te krijgen. De overige 32% van de patiënten met astma leest of bekijkt de informatie wel als ze het toevallig tegenkomen, maar gaat er zelf niet actief naar op zoek. Van der Lee realiseert zich dat patiënten – ondanks alle goede voornemens en hun actieve inzet – vergeetachtig kunnen zijn. Hij houdt zijn patiënten dan ook graag de vergelijking voor met tandenpoetsen: “Een gaatje krijgen wil niemand, want dat is vervelend. Dus poets je elke dag zorgvuldig om ervoor te zorgen dat je dit niet overkomt. Je pleegt zogezegd ‘onderhoud’. Astmamedicatie trouw én goed gebruiken doet precies hetzelfde voor je luchtwegen als tandenpoetsen voor je gebit. Simpel gesteld: nu investeren om later geen klachten te krijgen. Dit is voor veel patiënten een duidelijk verhaal waarmee ze de rol en het belang van astmamedicatie makkelijk begrijpen.”
 

Therapietrouwverschillen tussen oudere en jongere patiënten
Binnen het spectrum van alle factoren die de therapietrouw kunnen beïnvloeden neemt de snelle werking van een geneesmiddel – naast de toedieningsfrequentie en de rol van het device – een belangrijke plaats in, zo bleek uit een review bij patiënten met COPD.3 Het zou kunnen zijn, aldus Sanduzzi et al., dat de perceptie dat het middel snel werkt, de patiënt ertoe aanzet om de behandeling dagelijks te blijven gebruiken.3 Dit sluit aan op de uitkomsten van een systematische review die gebaseerd was op observationeel onderzoek naar determinanten van de therapietrouw aan astma inhalatiemedicatie bij volwassenen. Deze review bracht aan het licht dat patiënten de aanwijzingen rondom gebruik van inhalatoren strikter en beter opvolgen als ze meer overtuigd zijn van het nut en de noodzaak van het gebruik ervan. Een interessante bevinding hierbij was dat jongere patiënten vaker therapieontrouw zijn dan oudere patiënten.4 Van der Lee kan dit bevestigen: “Oudere patiënten zijn doorgaans goed te motiveren hun medicatie te gebruiken; zij zijn goed doordrongen van de vervelende en soms levensgevaarlijke gevolgen die het niet goed gebruik van de astmamedicatie met zich mee kan brengen. Jonge mensen – patiënten dus ook – zijn juist helemaal niet bezig met ‘later’ en al helemaal niet met zaken als ziekte en dood. Zij realiseren zich vaak niet de ernst van een exacerbatie en dat maakt hen een moeilijkere groep als het gaat om therapietrouw. Overigens verandert die houding wel als ze ooit een keer zijn opgenomen wegens een ernstige exacerbatie.
 

Persoonlijke benadering 
Wanneer patiënten met klachten bij een zorgverlener komen, is goed onderzoek essentieel. De inhalatietechniek van de patiënt speelt daarbij een belangrijke rol en hier wordt dan ook stevig op doorgevraagd. “Als een patiënt zijn of haar astma niet goed onder controle heeft, vraag ik als eerste hoe de medicatie wordt gebruikt. Ik hoor en zie dan soms de gekste dingen…waarbij het er vaak op neer komt dat de gebruikte inhalatietechniek niet goed is. Logisch dat de medicatie niet goed werkt en de klachten toenemen. Patiënten zijn dan nogal eens geneigd te denken dat de medicatie niet werkt en gebruiken het helemaal niet meer. Ook dan is uitleg ontzettend belangrijk.” Een opfriscursus inhalatietechniek bij de longverpleegkundige is dan een optie; patiënten worden zich weer bewust van het belang van de juiste inhalatietechniek hetgeen hun therapietrouw ten goede komt. Van der Lee probeert altijd een match te vinden bij zijn patiënten waarmee hij precies aanhaakt bij datgene dat de patiënt belangrijk vindt en waarmee deze gemotiveerd kan worden: “Waar heb ik een insteek bij de patiënt om deze zo goed mogelijk op weg te helpen bij de therapietrouw? Dat verschilt natuurlijk van persoon tot persoon. Sommigen geven alles uit handen en willen graag dat de dokter ze alles precies vertelt en als het ware aan de hand neemt. Daarnaast zijn er ook patiënten die heel erg zoeken naar hulpmiddelen om het nóg beter te doen. Waar het om gaat is dat je patiënten kunt motiveren het goed te doen. Zelfmanagement is immers enorm belangrijk bij astma.”
 

Infographic: Zelfmanagement bij patiënten met astma. Tussen denken en doen.
Download de infographic met daarin de uitkomsten van de enquête “Zelfmanagement” bij patiënten met astma.

Download infographic >>

 

Dit is het vierde artikel uit de serie over therapietrouw bij astma. Benieuwd naar het volgende artikel? Daarin komt o.a. de invloed van foute inhalatietechniek op de effectiviteit van medicatie aan de orde. 
 

Referenties
1.     LAN. Goed gebruik inhalatiemedicatie Astma en COPD. Jan 2018.
2.     Enquête Zelfmanagement van Novartis (2020). Deze is via het Longpanel van het Longfonds uitgevraagd. Het Longfonds heeft hierin een faciliterende rol vervuld, maar is verder niet betrokken geweest bij en draagt geen enkele verantwoordelijkheid voor de inhoud en de getrokken conclusies. 
3.     Sanduzzi A, et al. COPD: adherence to therapy. Multidiscip Respir Med 2014,9(1):60.
4.     Dima AL, et al. Asthma inhaler adherence determinants in adults: systematic review of observational data. Eur Respir J. 2015;45:994-1018.

Beoordeel content: 
0
Nog geen beoordelingen
0321RESP188462
×

Ask Speakers

×

Medical Information Request