Iris is apotheker en begon bij Novartis op de afdeling Klinisch Onderzoek als CRA. 4 jaar later heeft ze als MSL voor borstkanker gewerkt en is ze Medical Adviser voor melanoom. Daarnaast houdt ze zich als extra project bezig met het onderwerp precision medicine en is daarmee het aanspreekpunt voor pathologen en andere disciplines die zich bezig houden met mutatie-analyses en passende behandelmogelijkheden. Heel logisch binnen een bedrijf waar voornamelijk doelgerichte therapie wordt ontwikkeld! 

Wat is jouw belangrijkste drijfveer om bij Novartis te werken?

Wat ik fascinerend vind, is hoe het menselijk lichaam werkt en hoe geneesmiddelen en andere stoffen daarin werken of wat zij met het lichaam doen. Daarom ben ik ooit ook farmacie gaan studeren. Innovatie en daarmee het vooruit helpen van de maatschappij, is voor mij een belangrijk thema. Daarom heb ik de overstap gemaakt vanuit de apotheek naar Novartis. In de apotheek zit het helpen van mensen – wat ook een grote drijfveer van me is- op individueel patiëntniveau en is je bijdrage meer praktisch van aard en minder wetenschappelijk. Bij Novartis zetten we wetenschappelijke kennis om in innovatieve toepassingen en leveren daarmee een bijdrage aan het leven van heel veel mensen. Dat inspireert mij enorm. Tegelijkertijd vind ik dat we daarmee ook een hele verantwoordelijke rol hebben. Niet alleen in het ontwikkelen en produceren van onze geneesmiddelen. We moeten er ook aan bijdragen dat deze middelen op de goede manier en door de juiste patiënten gebruikt worden. De kennis die we opdoen moet correct worden overgedragen. Als ik naar mijn werk ga, realiseer ik me ook heel goed dat ik daar als medical adviser een taak in heb en dat dat verantwoordelijkheid met zich mee brengt. Dat drijft me ook. Ik vind het fijn om te voelen dat ik waarde toevoeg. Daarom passen de rollen die ik heb gehad op de medische afdeling ook zo goed bij mij. Het zijn stuk voor stuk functies geweest waarin ik mensen en kennis kon verbinden en mocht samenwerken om zo een stukje vooruitgang te creëren.

Hoe ga je om met de vaak negatieve berichtgeving over farmabedrijven in de media?

Zo proactief mogelijk. Ik probeer juist om het gesprek aan te gaan. Ik vind het leuk om als ambassadeur van Novartis op te treden en uit te leggen waarom het belangrijk is wat we doen. Moeilijke vragen schrikken mij niet af. Ik wil de reputatie die onze industrie heeft niet bagatelliseren, los van of ik het daarmee eens ben. Ik vind het juist interessant om in zo’n gesprek vragen terug te stellen om erachter te komen waar die mening vandaan komt. Ik ben namelijk hartstikke nieuwsgierig, dus ook naar beweegredenen van mensen om zich op die manier te uiten. Het ligt denk ik vooral aan de manier waarop veel nieuws tot nu toe is gebracht en hoe polariserend dit debat soms is. Omdat ik hier met veel trots werk, voel ik echt een plicht om proactief ons verhaal te vertellen en de nuance in het debat aan te brengen. Zo heb ik al een paar keer carrière-events voor studenten Farmacie bezocht om uit te leggen wat je nu eigenlijk doet als je in farmaceutische industrie werkt. Want dat weten ze dus helemaal niet! Dat zijn elke keer weer zulke leuke middagen om te bezoeken, daar krijg ik ontzettend veel energie van!

Als ik Vas was, dan zou ik een model willen ontwikkelen, waarin we blijven investeren in onderzoek

Wij krijgen op de medische afdeling heel veel onderzoeksvoorstellen binnen van artsen en onderzoekers, Helaas kunnen we lang niet al die aanvragen honoreren. Het gebeurt wel eens, dat wij in Nederland iets een ontzettend goed idee vinden, maar dat de Global organisatie er dan niet mee verder wil. Daarom zou ik het mooi vinden, als we een deel van ons onderzoeksbudget in een land of op global niveau zouden investeren in projecten die qua uitkomsten wat onzekerder zijn. Het is natuurlijk zo, dat het ontwikkelen van geneesmiddelen grotendeels door commerciële bedrijven zoals wij gebeurt. Dat zijn lange processen, die kostbaar en onvoorspelbaar zijn. Voor de financiering ervan zijn we afhankelijk van aandeelhouders. Dat betekent dat het ook onze verantwoordelijkheid is, om met ons gehele portfolio waarde te creëren. En dat is nogal een ‘risky business’, want van elke 100 potentiële compounds die onze pijplijn betreden, is het er uiteindelijk maar 1 die het maakt tot een nieuw geneesmiddel. Dat betekent dat al onze eigen onderzoeksvoorstellen, maar ook die van externen die bij ons worden ingediend, onder een vergrootglas komen te liggen qua haalbaarheid. Maar soms zitten er voorstellen tussen die meer risicovol zijn. Maar dat zijn dan hele goede ideeën die – als ze lukken - een grote impact kunnen hebben op het leven van patiënten of op onze maatschappij in het algemeen. Nu delven die vaak het onderspit ten opzichte van voorstellen die meer haalbaar geacht worden. Ik zou het mooi vinden als we een deel van onze R&D gelden in een soort ‘risky business fonds’ zouden stoppen speciaal voor dat soort onderzoeksprojecten. 

0220ONC1307822
×

Ask Speakers

×

Medical Information Request