Het grootste deel van alle urticaria verdwijnt spontaan binnen drie tot vier weken. Bij een minderheid van de gevallen van urticaria is sprake van chronische urticaria.1

 

Prikkels ontwijken

Als een allergische reactie op een stof of een intolerantie voor een stof de oorzaak is van urticaria, dan moet contact met deze stof worden vermeden.2 Mogelijke oorzaken zijn:1

  • Allergische factoren, zoals geneesmiddelen, voedingsbestanddelen, inhalatieallergenen en bestanddelen uit cosmetica.
  • Contactfactoren, zoals brandnetels, kwallen en insectenbeten, chemische stoffen, metalen en water.
  • Fysische factoren, zoals dermografie, zonlicht, lichamelijke inspanning, druk, warmte en kou.

Bij de meeste mensen met urticaria wordt niet duidelijk wat de oorzaak is.

 

Indifferente therapie

Van oudsher worden de volgende middelen toegepast tegen jeuk: deppen met een mengsel van water en azijn, zinkoxideschudsel, carbomeerwatergel 1%, levomenthol 1% (gel of crème FNA). Het effect valt vaak tegen, maar deze middelen kunnen als ondersteuning naast een antihistaminicum worden voorgeschreven.1

 

Behandeling met medicijnen

Wanneer het niet mogelijk is om prikkels te vermijden of als de oorzaak niet duidelijk is, kunnen medicijnen worden voorgeschreven. Een multidisciplinaire werkgroep heeft een zogenoemd stepped-care-model ontwikkeld dat is gepubliceerd in de richtlijn Chronische Spontane Urticaria.3

 

Stap 1. Start gebruik antihistaminicum
De eerste stap bij de behandeling van chronische spontane urticaria zijn tweede generatie antihistaminica (cetirizine, desloratadine, ebastine, fexofenadine, levocetirizine en rupatadine) in de startdosering van één tablet per dag.

Bijwerkingen
De bijwerkingen van tweede generatie antihistaminica komen in lichte mate voor en zijn van voorbijgaande aard. De volgende bijwerkingen kunnen voorkomen, maar niet altijd bij alle antihistaminica: slaperigheid, vermoeidheid, duizeligheid, hoofdpijn, droge mond en faryngitis.3,4

Stap 2. Dosering aanpassen
Als de behandeling met antihistaminica in de startdosering niet goed helpt, kan de dosering worden verhoogd tot vier tabletten per dag. De internationale richtlijn adviseert verhoging van de dosering als de werkzaamheid na twee tot vier weken onvoldoende is, of eerder als de symptomen niet te verdragen zijn.5 Bij bijwerkingen kan worden overgestapt naar een ander antihistaminicum.
In deze stap kan naast het antihistaminicum in individuele gevallen de leukotrieënreceptorantagonist montelukast worden voorgeschreven. Monotherapie met montelukast wordt bij de behandeling van chronische spontane urticaria niet aangeraden.3

Bijwerkingen
De tweede generatie antihistaminica in hogere doseringen kan bij een deel van de patiënten leiden tot slaperigheid, vermoeidheid, duizeligheid, droge mond, hoofdpijn en faryngitis.3
Bij gebruik van montelukast is er een grotere kans op een bovenste luchtweginfectie. Andere mogelijke bijwerkingen zijn koorts, huiduitslag, misselijkheid, braken, diarree en verhoogde spiegels van ALAT/ASAT.6

 

 

Stap 3. Toevoegen van omalizumab aan antihistaminicum
Zijn er twee tot vier weken na stap 1 en 2 nog steeds klachten, dan is de vervolgstap het toevoegen van omalizumab aan het antihistaminicum (add-on therapie).3 Omalizumab zorgt ervoor dat de IgE-antistoffen in het lichaam worden tegengehouden, waardoor ze de mestcellen niet kunnen activeren. Daardoor komt minder histamine vrij.
Eens per vier weken wordt omalizumab via een injectie toegediend in de bovenarm of het bovenbeen. Meestal krijgt men twee injecties per keer. Sinds januari 2019 kunnen patiënten ook zelf de injectie plaatsen7

Bijwerkingen
Een aantal vaak voorkomende bijwerkingen van omalizumab bij patiënten met urticaria zijn hoofdpijn, reacties op de injectieplaats, bovenste luchtweginfecties en sinusitus.7

Stap 4. Overschakelen op ciclosporine
Als omalizumab niet werkzaam is, kan worden gekozen voor het immuunsuppressivum ciclosporine. De internationale richtlijn adviseert binnen zes maanden over te stappen naar ciclosporine, of eerder als de symptomen ondraaglijk zijn.5 Ciclosporine helpt bij ongeveer de helft van de patiënten met urticaria. Het middel wordt niet standaard gegeven vanwege de bijwerkingen.5

Bijwerkingen
Bekende bijwerkingen van ciclosporine die kunnen voorkomen, zijn nefrotoxiciteit (dosisafhankelijk, soms irreversibel), hypertensie, tremor, hoofdpijn, hyperlipidemie.8 De bloeddruk en de werking van de nieren moeten dan ook geregeld worden gecontroleerd.

Stap 5. Andere behandelmogelijkheden
Als de middelen uit stap 1 t/m 4 niet goed werken, zijn als laatste stap de volgende mogelijkheden beschikbaar:

  • Dapson; een antibioticum dat ook ontstekingsremmende eigenschappen heeft.
  • Methotrexaat, azathioprine en mycofenolaatmofetil; middelen die het afweersysteem onderdrukken.
  • UVB-therapie; een behandeling waarbij zonlicht (UVB-stralen) wordt gebruikt.

Meer onderzoek naar effectiviteit van de behandeling van chronische spontane urticaria met deze middelen is wenselijk.3,5

Orale corticosteroïden bij exacerbaties3,5
Bij exacerbaties van chronische spontane urticaria kunnen kortdurend orale corticosteroïden worden ingezet met een mogelijk goed klinisch effect. Behandeling met orale corticosteroïden is geen aparte stap in het voorgestelde stepped-care-model, maar wordt aanbevolen als aanvulling op alle stappen.

Bijwerkingen
Aangezien corticosteroïden bij urticaria vaak in korte kuren worden voorgeschreven, is de kans op bijwerkingen kleiner en zijn ze meestal milder. Voorbeelden van bijwerkingen bij langdurig gebruik zijn gewichtstoename, osteoporose, slechtere wondgenezing en oedeem in handen en benen.9

 

Monitoren van klachten3

Bij urticaria is het belangrijk om de activiteit van de ziekte en de kwaliteit van leven te volgen als indicatie of een behandeling goed werkt. Hiervoor zijn verschillende vragenlijsten beschikbaar:

  • De Urticaria Controle Test (UCT) wordt aanbevolen als standaardmeetinstrument voor het vaststellen en monitoren van ziekteactiviteit bij alle patiënten met chronische spontane urticaria. De UCT meet zowel de ziekteactiviteit, kwaliteit van leven, als het effect van de behandeling. Klik hier om de UCT aan te vragen.
  • De Urticaria Activiteit Score (UAS-7) kan een waardevolle toevoeging zijn op de UCT. Er wordt elke dag een cijfer gegeven (tussen 0 en 3) voor het aantal urticae en de mate van jeuk. Deze scores moeten zeven dagen lang worden bijgehouden. Na een week wordt de score berekend. Klik hier om de UAS-7 aan te vragen.
  • De Angio-oedeem Activiteit Score (AAS) kan worden toegevoegd voor patiënten met symptomen van angio-oedeem. In het geval van geïsoleerd angio-oedeem dient de UAS7 te worden vervangen door de AAS.

 

Genoemde vragenlijsten zijn niet gevalideerd voor de Nederlandse patiëntenpopulatie.
 

Klik hier om de UCT aan te vragen     Klik hier om de UAS-7 aan te vragen

 

Referenties

1. Farmacotherapeutische richtlijn urticaria, Nederlands Huisartsengenootschap, te raadplegen via http://download.nhg.org/FTP_NHG/standaarden/FTR/Urticaria_text.html.
2. http://nvva-allergologie.nl/patienten/urticaria-en-angioedeem.
3. Richtlijn Chronische spontane urticaria, Nederlandse Vereniging van Dermatologie en Venereologie, 2015, te raadplegen via https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/chronische_spontane_urticaria/c....
4. Farmacotherapeutisch Kompas, te raadplegen via https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/groepsteksten/antihis....
5. Zuberbier T, et al. The EAACI/GAÇLEN/EDF/WAO guideline for the definition, classification, diagnosis and management of urticaria. Te raadplegen via https://onlinelibrary.wiley.com/doi/full/10.1111/all.13397.
6. Farmacotherapeutisch Kompas, te raadplegen via https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/preparaatteksten/m/mo....
7. SmPC Xolair 150mg_09 jan 2019.
8. Farmacotherapeutisch Kompas, te raadplegen via https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/preparaatteksten/c/ci....
9. Farmacotherapeutisch Kompas, te raadplegen via https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/bladeren/groepsteksten/cortico....

0419CSU1353898
×

Ask Speakers

×

Medical Information Request